Crisismanagement: Sexuele intimidatie
Vraag
Een Sociale Werkvoorziening (SW)-organisatie wordt gebeld door een regionaal dagblad. Een - verstandelijk gehandicapte - medewerker van de SW-organisatie zou door zijn leidinggevende seksueel zijn geïntimideerd en/of misbruikt. Dat zou voor meer medewerkers van de betreffende afdeling gelden. Waarom heeft de directie geen aangifte bij de politie gedaan? En hoe kan zoiets ondanks herhaalde signalen gebeuren? De vraag van de SW-organisatie aan de crisisspecialisten van Bex* kent twee aspecten: hoe gaan we met dit vermeende misdrijf om? En hoe houden we de imagoschade beperkt?

Aanpak
Er wordt een crisismanagementteam geformeerd waarvan een crisisspecialist van Bex* deel uitmaakt. Hij is tevens de woordvoerder namens de SW-organisatie. Het crisismanagementteam besluit tot een aantal acties:
- onafhankelijk onderzoek naar het voorval door een gespecialiseerd bureau
- betreffende leidinggevende "op non actief" gedurende onderzoek
- alsnog melding bij de politie
- contacten met de afdeling voorlichting van het Openbaar Ministerie
- onderzoek naar functioneren klachtenmeldingen en vertrouwenspersonen
- afdelingsgesprekken onder deskundige leiding
- brieven aan medewerkers en hun familie/wettelijk vertegenwoordigers
- informeren van de aandeelhouders (een aantal gemeenten)
- brieven aan klanten en relaties
- tijdelijk anoniem extern meldpunt voor klachten, agressie, geweld en seksuele intimidatie
- pro-actief persbeleid dat van start gaat met een persconferentie
Onderzoek wijst uit dat de leidinggevende ongewenst gedrag heeft vertoond. Via de rechter wordt zijn arbeidsovereenkomst ontbonden. Daarnaast wordt duidelijk dat de cultuur op het punt van agressie, geweld en seksuele intimidatie voor verbetering vatbaar is. Hiervoor wordt een aanvullend onafhankelijk organisatiebreed onderzoek door een extern bureau verricht. Dat onderzoek brengt concrete verbetermogelijkheden naar voren die onderdeel worden van een cultuurveranderingstraject.
Er is veel interne onrust bij medewerkers en hun familie danwel wettelijk vertegenwoordigers.
Verder bijt een journalist van het regionale dagblad zich vast in de zaak. Dat leidt tot onevenredig veel aandacht waarbij de journalistieke zorgvuldigheid te wensen overlaat in nieuwsberichten, commentoren en een column-pet). Na een procesgesprek met de hoofdredacteur van het dagblad keert het ten goede.
Resultaat
De SW-organisatie heeft te maken gehad met veel interne onrust en imagoschade door veel media-aandacht. Door de acties van het crisismanagementteam keert de interne rust relatief snel terug. De imagoschade is zo beperkt mogelijk gehouden, maar groot. Door meer transparantie en een langdurig pro-actief persbeleid wordt het vertrouwen stap voor stap hersteld.

